Drijvend Dorp Pampushaven

Zaterdag met Marianne naar Amsterdam getogen, naar de KIS galerie van Jan Muller. Daar was een heel stel al dan niet voormalige binnenvaartschippers en andere bezitters van drijvend materieel bijeengekomen om te brainstormen over Jan’s idee om een drijvend dorp in Pampushaven te realiseren, bij Almere. Ook waren er jongeren van het collectief dat Jan graag aanduidt met de Peter Pan Groep: een energieke club  van zo’n 80 werkende en studerende mensen, met nog eens een netwerk daar omheen van 200. De eerste groep heeft ruimte, beter gezegd scheepsruimen, de andere groep zoekt werk- en leefruimte. Beiden zoeken ze plek. Misschien eerst Pampushaven voor een proefperiode van 10 jaar, bij succes is het concept elders te reproduceren. Een eerste stap is al gezet doordat Floating Life een aantal drijvende gebouwen afgemeerd heeft in de haven. Ook in Rotterdam in het kader van de Urgenda wordt gewerkt aan drijvend wonen en werken. Studenten zijn in de weer met allerlei concepten. De tijd is er rijp voor.

Dat schepen eigenlijk drijvende bedrijfshallen zijn merkte ik toen ik 32 jaar geleden voor het eerst met een ladder afdaalde in het ruim van mijn eigen historische vrachtschip. Dat die ruimen gigantische afmetingen aan kunnen nemen zag ik bij het 2000 ton metende sleepschip dat jaren bij de watersportvereniging Rijn & Lek in Wijk bij Duurstede lag.

Het idee is dat oude historische binnenschepen en pontons, net als dat eerder gebeurd is met oude bedrijfshallen, kantoren en fabrieken, nog heel goed een 2e leven kunnen beginnen als goedkope woon- en werkruimte voor starters, creatievelingen, ambachtelijke bedrijven. Met als bijkomend voordeel dat het geheel verplaatsbaar is. Het begrip ‘place making’ kan hier heel letterlijk genomen worden. En omdat er inPampushaven geen enkele voorziening is en omdat tegelijkertijd schepen altijd al in hoge mate zich zelf kunnen redden ligt het voor de hand om een volledig zelfvoorzienend drijvend dorp te maken. Met eigen energie-opwekking en distributie door zon, wind, biomassa en een slim net. Met een eigen drinkwaterfabriek en afvalwaterzuivering. Misschien ook wel met eigen drijvende moestuinen, kippen en viskweek. En natuurlijk de bijbehorende terrassen, restaurant, vergaderruimte, werkplaatsen, podia.

Een droom? Ja, maar wel een droom die op korte termijn werkelijkheid kan worden. De schippers geloven erin. De Peter Pan Groep heeft er zin in. De ambtenaren die we spraken in Almere zijn positief. Zou het lukken? Jan Muller zijn laatste puzzel….

Geplaatst in Schepen | Getagged , , , , , | Een reactie plaatsen

Dag van de Stadslandbouw

Gister al om 6 uur op om naar Almere te gaan, waar de eerste Dag van de Stadslandbouw georganiseerd werd. Volgend jaar 7 maart de tweede aflevering: in Rotterdam. Kennelijk had de machinist zich wél verslapen zodat ik de toespraak van Annemarie Jorritsma gemist heb. Jammer, want naar verluid vertelde ze erg blij te zijn met de prachtige Stadsboerderij van Tineke en Tom op de Kemphaan. Daar in die hoek (Oosterwold, 3000 ha) zou ook de realisatie van Agromere plaats moeten vinden, een agrarisch woon-werk landschap van zo’n 250 hectare.  Uiteindelijk zou Oosterwold 10% van het voedsel voor de  toekomstige bevolking van Almere (zo’n 350.000 inwoners) kunnen leveren. Stadslandbouw past ook goed bij de Almere Principles, een eenvoudige set van uitspraken die sterk beïnvloed zijn door het cradle to cradle denken.

Jan Ferwerda, algemeen directeur van PLUS retail, liet zien hoe de Plus coöperatie duurzaamheid in de voedselketen bevordert, het belang van de drieslag gemak, genot en gezondheid en de noodzaak om voedselverspilling terug te dringen (nu 40 tot 50%!).

Wayne Roberts, van Toronto Food Policy Council, was ingevlogen om te verhalen over de vele voordelen van “urbal cities” (urban/rural). En dat doet ie bevlogen. Omdat het in de stad warmer is dan daarbuiten en daarmee ook het groeiseizoen langer is, kan je andere teelten doen. Voedsel kan je als een hefboom voor verandering inzetten (“rise up”). Met stadslandbouw krijgen vergeten groenten en kwetsbare fruitsoorten weer een kans. Uiteraard gaan transportkilometers omlaag, verbetert de luchtkwaliteit en neemt de sociale samenhang toe en criminaliteit af. Mensen gaan zorgvuldiger om met plekken die ze als van hunzelf beschouwen. Stadslandbouw verschijnt in alle soorten en maten (“match box farms”). Eén van de zes daken is plat en daarmee mogelijk interessant voor landbouw of tenminste een groen dak. De krimp waar steeds meer steden in het Westen mee te maken krijgen, biedt extra kansen voor stadslandbouw. Private goodies en public goods kunnen samengaan in stadslandbouw; we hebben beide nodig: “bread and roses”. Het gaat volgens Wayne over bonding & bridging: stadslandbouw kan mensen en aarde weer verbinden. En over spaces & species. In feite is de biodiversiteit in de stad veel groter dan buiten de stad: de variatie in hoogte, vochtigheid, temperatuur, bezonning, wind, is heel groot in de stad. Ook bijen en vlinders gedijen beter in de stad. Wordt stadslandbouw “the new normal”? En naast de people en de planet levert iedere euro in stadslandbouw ook nog eens 5 euro profit in andere bedrijfstakken op. In feite kan landbouw één groot win-win-win verhaal zijn: “food is joy”, aldus Wayne Roberts. Stadslandbouw is geen hype maar een uiting van een brede onderstroom die, misschien in reactie op de toenemende globalisering en anonimisering, weer controle wil krijgen over het eigen leven en de eigen voeding. Historisch gezien is de scheiding van voedselproductie en voedselconsumptie, of de scheiding tussen stad en ommeland, zoals we die de laatste eeuw zien, misschien wel een voorbijgaand verschijnsel.

In de middag sessies bezocht van woningbouwcorporaties Ymere en Havensteder die beweegredenen en voorbeelden toonden waarom zij met stadslandbouw, of liever gezegd buurtmoestuinen, aan de slag zijn gegaan. Het gaat daarbij vooral om het tegengaan van verloedering van onbebouwde percelen, bevordering van de leefbaarheid in de wijk en “place making”: het opwaarderen van in onbruik of ongenade gevallen plekken of gebieden. Vaak is dat gebruik tijdelijk en een discussiepunt is dan ook vaak of die tijdelijkheid lang genoeg duurt om investeringen in stadslandbouw rendabel te maken. En trouwens, voor wie is dan de winst die dank zij dat “place making” later gemaakt kan worden, zoals bijvoorbeeld naast Villa Augustus in Dordrecht? We gaan het zien op de Marconistrip in Rotterdam de komende jaren!

 

Geplaatst in Stadslandbouw | Getagged , , | Een reactie plaatsen

What else is Government for?

Afgelopen dinsdag 7 februari bij een debat geweest in de Rode Hoed in Amsterdam. De eerste aflevering van een reeks debatten over “de toestand in de wereld verklaard vanuit voedsel”. De titel van de reeks: “It’s food, stupid!’ Felix Rottenberg leidde de avond. Aan traden Henk Bleker, staatssecretaris Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, Carolyn Steel, architect en auteur van “the Hungry City”, NAJK voorzitter Wilco de Jong en stadsboer Huibert de Leede.  Het ging over de relatie van mensen met hun voedselvoorziening, de relatie tussen consument en producent en de rol van de overheid. Waar Bleker en De Jong de consument zien als sturend voor wat we eten en van mening zijn dat overheden dat steeds meer over moeten laten aan de markt, ziet Steel de noodzaak om tot een nieuw “sociaal contract” te komen. Waarbij de overheid natuurlijk een grote rol speelt, niet om te vertellen wat we moeten eten maar om de randvoorwaarden te bepalen waarbinnen ons eten wordt geproduceerd en gedistribueerd. Het ontlokte haar zelfs de uitroep: “what else in Government for?!” Eerder al had ze laten zien hoe vanaf de uitvinding van de landbouw in de Vruchtbare Sikkel, zo’n 10.000 jaar geleden, het produceren, opslaan en verdelen van eten het belangrijkste bestaansrecht van de overheid was. En hoe voedsel de vorm van onze steden bepaald heeft. Met aan het centrale plein waar de markt was ook de wereldlijke en de geestelijke macht hun kantoor hielden (raadhuis en kerk). Zie deze presentatie. Kunnen we opnieuw onze voedselvoorziening in eigen hand krijgen of leveren we ons over aan een handvol wereldspelers die bepalen wat we zaaien, wanneer we oogsten en wat er uiteindelijk op ons bord komt? Is het goed voor de ontwikkeling in Kenia om daar onze sperziebonen te telen en onze agrikennis te exporteren of gaan we in achtertuintjes en op kantoordaken en braakliggende terreinen in de stad ons eigen eten verbouwen? Kunnen we de wereld voeden? We eten steeds meer vlees en worden steeds dikker. Zie voor een verslag hier. Helaas hadden de sprekers zoveel te vertellen dat het debat nog niet erg uit de verf kwam maar wellicht komt dat in de volgende afleveringen. De Rode Hoed was tot de nok gevuld met zo’n 300 aanwezigen. Eten en voedselvoorziening leeft enorm. Het is zonder twijfel hét onderwerp voor de komende paar decennia.

Geplaatst in Stadslandbouw | Getagged , , | 1 reactie

Repareren

Net bij toeval een heel leuke site ontdekt van Platform21, alleen jammer dat ze er definitief mee stoppen want geen geld meer. Eén van hun projecten ging over het repareren van spullen, een belangrijke Eternally Yours strategie en schromelijk ondergewaardeerd. Want de belangrijkste eigenschap van repareren mag dan zijn dat producten een langer leven krijgen, het is zeker niet de enige. Repareren geeft producten een ziel, het leert ons hoe dingen gemaakt zijn en hoe we er voor moeten zorgen. Het geeft een bevredigend gevoel van controle en, ook niet onbelangrijk, het is leuk om te doen. Dus, STOP RECYCLING. START REPAIRING.

Geplaatst in Eternally Yours | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Baas op eigen Bord

Vrijdag 3 februari 2012 door de sneeuw op weg naar restaurant de Kas in Amsterdam. Gevestigd in de oude kweekkas uit 1926 van de Amsterdamse Stadskwekerij. Het restaurant beschikt over een paar eigen kassen, grond in de Beemster en milieuvriendelijke locale toeleveranciers. De vraag die op tafel lag: wat eten we in 2050? De bijeenkomst was georganiseerd door GroenLinks en Teun van de Keuken praatte de middag aan elkaar. Marcel Kers (wat een toepasselijke namen allemaal…) van Plantlab kweekt groenten onder led-licht en strikt gecontroleerde omstandigheden: geen pesticiden, heel weinig water, heel vers. High tech groentekweek in bijvoorbeeld leegstaande kantoorgebouwen. Samuel Levie  van Slow Food en de Youth Food Movement wil geen fabrieksvoer maar lokaal en biologisch eten. Mark Post van de Universiteit van Maastricht tenslotte probeert in petrischaaltjes op echt lijkend vlees te kweken uit stamcellen. Dat doet nog het meest denken aan Frankensteinvoedsel maar belooft wel veel zuiniger om te gaan met hulpbronnen en vermijdt dierenleed. Dus als we straks nog steeds per se vlees willen eten misschien een mogelijkheid? De bijeenkomst vormde voor Bas Eickhout, europarlementariër voor GroenLinks, het begin van een debat wat we de komende jaren ook in de politiek moeten voeren: hoe worden we weer baas op eigen bord? Het lijkt erop dat velen de oplossing zoeken in het herstellen van de band die mensen van oudsher hadden met hun eten en waar het vandaan kwam. De Kas probeert dat te laten zien met haar eigen kas waarin de meloenen en kruiden vers geoogst worden en de lof getrokken wordt. Villa Augustus in Dordrecht doet hetzelfde op grotere schaal op het voormalige drinkwaterterrein, een heerlijke plek. En straks in Rotterdam (“uit je eigen stad“) gaat er zelfs op 6 hectare in de stad bij het Marconiplein vers voedsel, eieren en vis geproduceerd worden, wat weer in het eigen restaurant genuttigd kan worden of  op de boerenmarkt aangeschaft. Bij dit laatste project gaat het ook om ‘place making’: tijdelijk ergens op een in onbruik geraakte locatie allerlei initiatieven ontwikkelen, daarmee het gebied weer op de kaart zetten, vervolgens verder trekken. Gezien de benodigde investeringen moet er toch wel een minimale periode van 10 tot 15 jaar geboerd kunnen worden. Zou stadslandbouw een van de tekenen zijn van wat ook wel genoemd wordt ‘reclaiming de commons’, dat we ons weer gaan bekommeren om de gemeenschappelijke gronden? Het is in ieder geval hoopvol.

 

Geplaatst in Stadslandbouw | Getagged , | Een reactie plaatsen

Aaibare Machines

Leuk stuk in het januari/februari 2012 nummer van de Vogelvrije Fietser. Over hoe mensen zich hechten aan hun fiets, omdat ie steeds mooier wordt zoals de roodkoperen fiets van Bart van Heesch. Of omdat je er zoveel avonturen mee hebt beleefd, de hele wereld mee hebt rondgecrossed. Of gewoon omdat je hem al zo verschrikkelijk lang hebt. En in Indonesie schijnen ze dol te zijn op Nederlandse fietsen uit de koloniale tijd: Fongers, Gezelle, Burgers. Simon Van Erp van Bikes to Remember in Den Bosch maakt nieuwe fietsen van oude maar gloednieuwe onderdelen uit overtollige voorraden: New Old Stock.
Ook de documentaire “Emotionele dieren, aaibare machines” van Labyrint van 25 januari 2011 gaat in op de band tussen mensen en hun spullen. Beatriz Russo doet aan de TU Delft onderzoek naar deze relatie die in veel opzichten te vergelijken is met een liefdesrelatie tussen mensen. Ook Ruth Mugge aan diezelfde TU doet onderzoek naar hoe je die band met spullen kan versterken, bijvoorbeeld door ‘ageing with dignity’, een van de strategieën die we in Eternally Yours al geïdentificeerd hadden. Onlangs, toen het water in onze rivieren weer wat hoger ging staan moest het Woudagemaal dat ook op de Wereld Erfgoed Lijst staat, weer bijspringen. In de prachtige video hieronder wordt duidelijk hoe dit erfgoed gekoesterd wordt door zorgzame ingenieurs die met poetsdoeken en oliekannetjes het machtige stoombeest vertroetelen.

Geplaatst in Eternally Yours | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Overal Spullen

Overal Spullen Judith de Leeuw heeft een prachtige videodocumentaire gemaakt over alle spullen die ze in huis heeft en hoe al die spullen niet alleen ons huis vullen maar ook ons hoofd verstoppen en ons leven beheersen. De film raakt aan vrijwel alle aspecten die met spullen samenhangen: milieu, grondstoffen, afval, ruimte, economie, behoefte & begeerte. Mooie uitzending van de Boeddhistische Omroep Stichting.
Uitzenddatum: Zaterdag 31-12-2011 14.55 – 15:55 ned. 2
Herhaling: Maandag 2-1-2012 14:30 – 15:30 ned. 2
Ook te zien op Uitzending Gemist

Sommige mensen ruimen aan het eind van het jaar hun huis op om het nieuwe jaar fris te kunnen beginnen. Maar kunstenaar Judith de Leeuw doet dit wel heel drastisch: Ze stelt zich voor de ambitieuze taak om al haar spullen te tellen, te sorteren en te labelen. Elke trui, elk boek, elk papiertje, tot en met de laatste in haar huis rondslingerende schroef. En waarvoor? Spullen zijn handig, nodig en onvermijdelijk. Ze maken het leven makkelijker. Maar het zijn er veel en ze zijn overal: in het huis, op straat, in de zee en in ons hoofd. In hoe we denken over onszelf, over ruimte, over economie en over hoe we de maatschappij inrichten. De Leeuw besluit om haar huis helemaal leeg te halen, en al haar spullen te tellen, te sorteren en een stickertje te geven. In een proces vol cijfers, getallen en zoekende woorden vallen vorm en inhoud op toevallige wijze samen. Een film over spullen met spullen, vanwege alle spullen. Over dat alles al voorhanden is. En over wat je moet doen als je ontdekt dat je in het bezit bent van een smeltende ijsbeer.Tellen tot je er bij neervalt

Regie: Judith de Leeuw
camera: Rogier Timmermans, Diderik Evers
geluid: Carla van der Meijs, Marjo Postma, Johan Rompelberg
producer: Manu Hartsuyker
montage: Jurjen Blick
muziek: Harry de Wit
eindredactie: Babeth M. VanLoo
mixage: Ronnie van der Veer, Erik Griekspoor
kleurcorrectie: Ramon de Jong
Producent: Viewpoint Productions, Valérie Schuit & Tamara Vuurmans
© 2011 een coproductie met de BOS

Geplaatst in Eternally Yours | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen

Laatste restjes

Het jaar loopt ten einde. Ook mijn loopbaan in de Wijkse politiek loopt af, na 13 jaar. Het is tijd. Afgelopen dinsdag 13 december mijn laatste raadsvergadering bijgewoond. Ook in onze raad dringt het PVV denken door. Bij de behandeling van het energiebesparingsbeleid en de GPR die volgens ons unaniem aanvaarde milieubeleidsplan minimaal 8 moet zijn hoorde ik dat “die linkse hobby’s al veel te veel geld gekost hebben‘, zucht. Ook in de raadsvergadering: platanen. Ooit was de kap van platanen in de Ruisdaelstraat reden voor mij om wethouder te willen worden. Volgens mij kon het anders. Dat bleek later ook, maar de bomen waren al weg. Nu moesten de platanen in de Steenstraat het ontgelden. Ook hier weer tal van argumenten waarom het niet anders kon. Maar ja, als je het wil kan het op allerlei manieren anders, als je niet wil zijn er ook zat argumenten te vinden. Het begint en eindigt met de wil. Mooie toespraken, van Guus, van Hans en van Wil. En een penning. Met bijbehorende oorkonde.

Vrijdagavond 16 december naar het optreden van de dames Til & Dien in Calypso, een creatie van Wil & Ien: heel erg leuk! Zaterdag naar de GroenLinks Energiedag, nuttig en leuk om een aantal partijkanjers zoals Liesbeth of Thijs te ontmoeten. ‘s Avonds naar Salon Rosa: tango, mét orkest!

Dinsdag nog een allerlaatste Raadsactiviteit: het traditionele eindejaarsdiner. David van Aand8vooreten heeft z’n best weer gedaan: gezellig. Vrijdag even gekeken bij de officiële oplevering van het vermaledijde leugenbankje, wat hebben we daar lang op moeten wachten. maar hij is heel geslaagd. Zaterdag samen met Peter op uitnodiging van Hubert meegevaren met de 100 jarige voormalige stoomraderboot Kapitein Kok. Wat een prachtige machines maakten ze vroeger. Op 2e kerstdag naar Hengelo getogen, de familie komt als vanouds bijeen ook al leeft mijn vader niet meer, hij was altijd jarig op 26 december. Dinsdag wandelen ter gelegenheid van de verjaardag van Eline, nog even directeur Streekhuis Kromme Rijn. Jammer en onterecht dat het ophoudt (ook al gaat er misschien iets virtueel door…). Woensdags een soort van exit of overdrachtsgesprek met Rob, mijn opvolger in de raad. Donderdag naar de film in LHC: “Tinker, Tailor, Soldier, Spy“. Mooi, sfeervol, spannend maar de plot is te ingewikkeld voor mij, raak de draad kwijt in dit web van intriges, paranoia en verraad. En dan sluiten wij zaterdag dit jaar af. Benieuwd naar de toekomst…

Geplaatst in de Politiek | Getagged , , , , , | Een reactie plaatsen

Stadslandbouw

Stadslandbouw neemt de laatste paar jaar een enorme vlucht. Van New York tot Berlijn, van Amersfoort tot Rotterdam: steeds meer mensen raken enthousiast. Met name veel vrouwen. Zodra het over duurzame energie gaat of levens cyclus analyses haken vrouwen af maar bij verduurzaming van onze voedselsystemen staan ze vooraan. Misschien hechten ze meer aan het leven. In ieder geval zie ik een hoopvolle ontwikkeling. Stadslandbouw is onderdeel van een veel bredere beweging die voeding en voedsel opnieuw de plek in ons leven wil geven die het ook toekomt. En dat gaat veel verder dan de traditionele volkstuin die overigens ook een renaissance beleeft. Goed, gezond en gezellig genieten. Carolyn Steel schreef er een zeer leesbaar, informatief en intrigerend boek over: “The Hungry City“. En ze kan er enthousiast over vertellen, zo bleek een paar maanden geleden (5 september) toen ze in Amersfoort optrad, aansluitend op de Urgenda Foodtour. Tientallen jaren lang kon de biologische voedingsmiddelen handel maar nauwelijks het hoofd boven water houden maar in het laatste decennium groeit biologisch veel sneller dan de rest. Stadslandbouw strekt zich uit van de organisatie van regionale voedselketens binnen een straal van 30 of 50 kilometer rondom een stad tot het zelf kweken van tomaten op je balkon en alles wat daar tussen zit. De Stadsboerderij van Tineke en Tom in Almere op de Kemphaan is een voorbeeld van een grootschalig ecologisch bedrijf dat zich richt op de stad. Stadslandbouw gaat over biologisch, sociaal, korte ketens, minder energie. Maar ook over armoedebestrijding, sociale cohesie of als aanjager van gebiedsontwikkeling. Dat laatste bleek bijvoorbeeld op een bijeenkomst op 27 oktober 2011 in Culemborg “the call of the commons“, georganiseerd door het platform Duurzame Gebiedsontwikkeling. Van Bob de Bouwer naar Hendrik Jan de Tuinman, aldus Rudy  Stroink. In Rotterdam zijn ze al een paar jaar bezig. Op 5 december werd op een middagsymposium het rapport “Ruimte voor Stadslandbouw in Rotterdam” officieel gepresenteerd en overhandigd aan Alexandra van Huffelen, portefeuillehouder. Rotterdamse Oogst is een ander initiatief dat producenten en consumenten op een vrolijke en creatieve manier koppelt. Het wemelt van de initiatieven, allemaal heel verschillend maar in ieder geval hebben ze gemeen: het gaat over eten en ze maken een ongelooflijke hoeveelheid enthousiasme en energie vrij.

Geplaatst in Stadslandbouw | Getagged , | Een reactie plaatsen

Leiderschap, Lef & Vertrouwen

Bij mijn afscheid van de gemeenteraad in Wijk bij Duurstede op dinsdag 13 december 2011.
Onze inwoners kiezen ons, wij kiezen de wethouders, samen vormen we het bestuur van de gemeente. Als het goed is komen zo alle meningen, wensen en belangen van de gemeenschap hier op tafel. En dan zijn het niet langer de belangen van individuen of groepen maar het belang van de gemeenschap als geheel waar we, zoals we hier zitten, zo goed mogelijk voor op moeten komen.
Die verantwoordelijkheid is ons gegeven, die verantwoordelijkheid hebben wij op ons genomen. En die verantwoordelijkheid geef ik vanavond weer terug. Het voelt als een last die van mijn schouders gaat. Want het is geen gemakkelijke taak, althans dat vind ik. Wil je het goed doen dan zijn 3 zaken belangrijk: leiderschap, lef & vertrouwen.
Als gekozen volksvertegenwoordiger moet je leiderschap tonen. De inwoners vertrouwen belangrijke beslissingen aan jou toe. Jij moet overzicht krijgen en behouden in vaak ingewikkelde zaken. Je moet weten waar het op langere termijn naar toe moet. Soms botst dat met korte termijn belangen. Jij moet knopen doorhakken in situaties waar meerdere tegenstrijdige belangen op het spel staan. Dat vereist leiderschap. En dat is wat anders dan populair zijn, de ziekte van deze tijd.
Daarom moet je ook lef hebben. Durven om tegen een meerderheid in te gaan. Je nek uitsteken. En daar komt in deze tijd bij dat inwoners steeds meer van hun overheid vragen. En dat tegelijkertijd overheden steeds minder in staat zijn om aan al die vragen te beantwoorden. Dus je moet vaak nee durven zeggen: Los het zelf maar op. Vraag maar aan je buren. Doe het met elkaar.
En je moet het lef hebben om dingen los te laten, om het aan inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers over te laten. Misschien gaat het dan wel anders dan je zelf zou willen. Vernieuwing brengt onzekerheid. Heb het lef om dat te accepteren.
Vertrouw er op dat zaken ook goed kunnen gaan zonder dat je overal bovenop zit.
Vladimir Iljitsj Oeljanov zei: “vertrouwen is goed maar controle is beter”. Ik ben het daar niet mee eens. De meeste mensen deugen. Beloon dat. Want wie controleert de controleurs? Hoever ga je? Handhaven maakt soms meer kapot dan mij lief is. De benadering via deugden spreekt mij meer aan: in de opvoeding, het goede voorbeeld geven, als gemeente, als raadslid, als persoon.
En laat niet  “de goeden onder de kwaden lijden”. Dat gebeurt nog te vaak, brengt een hoop regel rompslomp met zich mee en maakt het voor de goedwillende moeilijk en vaak onaantrekkelijk om nog iets te ondernemen.
Durf los te laten, durf vertrouwen te hebben.
Tijden veranderen, instituten komen en gaan, en zo ook raadsleden. Wil je als gemeentelijke overheid, als Raad ook in de toekomst nog relevant zijn dan moet je ook jezelf vernieuwen. Gezag is niet vanzelfsprekend, macht is iets dat je gegeven wordt en dat weer teruggenomen kan worden als je het niet goed doet. Dan gaan mensen om je heen. Ik denk dat wanneer je als lokale overheid, als raad, als raadslid leiderschap toont, lef hebt en vertrouwen schenkt, dat dan de gemeente nog een bloeiende toekomst heeft.
Het was een voorrecht met jullie samen te mogen werken met als gemeenschappelijk doel het goede voor Wijk te bereiken, ook al is dat voor ieder van ons vaak weer net even anders. Ik dank jullie voor de vriendschap, gedachtewisselingen, hartstochtelijke discussies en gezamenlijk behaalde resultaten.
En ik wens jullie leiderschap, lef & vertrouwen toe!
Geplaatst in de Politiek | Getagged | 1 reactie